
Het verhaal van Theodoric, een van de eerste plaatselijke bewoners
Wie wij zijn? Het is moeilijk om daar een naam aan te geven. Wij behoren niet tot een volk of stam en hebben geen hogere leiders die we moeten gehoorzamen. Ik heet Theodoric en noem mij maar een plaatselijke bewoner. Wij leven in kleine boerengemeenschappen. We kunnen helemaal voor onszelf zorgen en zijn van niemand afhankelijk. Alleen van elkaar.
Ons dorp is niet meer dan een verzameling van twee of drie boerderijen waarin we samen wonen met ons vee. De grond langs de rivier is vruchtbaar, maar het water is onberekenbaar. Daarom bouwen we onze boerderijen op een zo hoog mogelijke heuvel. Wij leven hier generaties lang, totdat onze grond uitgeput raakt en de huizen vervallen. Dan bouwen we een paar honderd meter verderop een nieuwe boerderij. Wij zijn een met onze omgeving.
We vullen onze dagen met het bewerken van het land en het hoeden van onze kuddes. In de lange, donkere avonden zitten we rond het vuur en vertellen we elkaar verhalen over onze voorouders. Wij geloven dat onze voorouders voortleven in onze wereld. De banden tussen de families in ons dorpje zijn sterk. Wij zijn van elkaar afhankelijk. Alleen door hard te werken, elkaar te helpen en door te zetten kunnen wij overleven.
De natuur laat ons niet met rust. Soms komt de rivier omhoog en dan weer hebben we last van droogte. Wij offeren aan de riviergoden zodat ze ons gunstig gezind zijn. In slechte tijden hebben wij iets goed te maken. Dan offeren we ons meest waardevolle bezit. Bijvoorbeeld een schaap of een geit. Of als we echt wanhopig zijn zelfs een paard. Dan luisteren de goden misschien wel. We leggen ons lot in handen van de goden. Om dat te laten merken begraven we soms ook onze dolken. In tijden van overvloed danken we onze goden met een offer van graan. Zo laten we zien hoe dankbaar we onze goden zijn.
Wij verlaten ons dorp zelden. Het is belangrijk dat we binnen onze eigen grenzen blijven. Onze dorpen weten heel goed wat van hen is en wat niet. Soms verlaat een zoon of dochter onze gemeenschap om een nieuwe familie te stichten. Dan feesten we met onze buren en zien we andere mensen.
Ons leven is soms licht en soms zwaar. Maar we redden ons. Laatst hoorde ik van mijn neef dat er een grote groep ijzeren mannen op paarden was gezien aan de andere kant van de rivier. Hij had ook gehoord dat daar dorpen zijn platgebrand. Ik hoop maar dat dit niet waar blijkt te zijn en dat ze niet onze kant opkomen…